Het verkrijgen van een verblijfsvergunning in Rusland is een ingewikkelde procedure, zo is ons van alle kanten verteld. Het kost veel tijd. Geld. Het is ingewikkeld. Ik kom inmiddels negen jaar in Rusland. Iedere keer vraag ik een jaarvisum aan. Met dat visum mag ik een jaar lang dit land in en uitreizen. Binnen een periode van zes maanden mag ik er drie maanden zijn, maar moet ik ook drie maanden wegblijven. Om van dit jaarlijkse gedoe af te komen hebben we besloten een verblijfsvergunning aan te vragen.

We rijden in een overvolle minibus naar het immigratiekantoor. Het busje zit vol Oezbeken. Die zijn allemaal op weg naar hun verblijfsvergunning, vertelt mijn vrouw. Het zal wel heel druk worden. We zijn er bijna. Het minibusje mindert vaart. Links van mij zie ik een straat. Ik schrik, want er staat een grote menigte Oezbeken te wachten oor de ingang van een indrukwekkend gebouw. De hele straat ziet zwart van donkergekleurde mensen. Ik had me ingesteld op flinke drukte, maar hier zinkt de moed mij in de schoenen. De minibus stopt. Alle Oezbeken stappen uit. Wij blijven zitten. We moete nog een halte verder. Voor ons een ander gebouw.

Mij vrouw heeft een afspraak gemaakt. Binnen vijf minuten zitten we aan een van de vele loketten. De inrichting dateert uit de Sovjettijd. Sobere lage vierkanten, waar je alleen door heen kunt praten als je diep bukt. Tegenwoordig staan er stoelen. De juffrouw achter het loket bekijkt kritisch alle meegebrachte documenten. De officieel in het Russisch vertaalde huwelijksakte. Verklaring van goed gedrag. Notariële kopie van mijn Nederlandse paspoort. En nog meer. Op alle documenten staan handrekeningen en grote stempels: apostilles heten die.

Het duurt 1 ½ uur voordat alle documenten zijn gecontroleerd. En geaccepteerd. Zo komt het einde van deze sessie, een stap in het proces, langzaam in zicht. Nadat ik € 200 in roebels heb betaald, zijn we hier klaar. Ik kan direct pasfoto’s laten maken en iets verderop in de straat naar de keuring voor mijn gezondheid.

Na de pasfoto’s lopen we naar het keuringsgebouw. In de verte zie ik de drukte van de Oezbekenstraat. Binnen wordt een longfoto gemaakt. Of ik geen tuberculose heb. Hierna volgt een gesprek met de psychiater, of ik goed bij mijn verstand ben. Achter hem is een fel verlicht raam, waardoor ik alleen de omtrek van zijn hoofd zie. Een vage vorm die praat. Ik schuif een stuk naar rechts, waardoor het raam naast hem komt. Nu zie ik zijn gezicht. Hij vraagt waarom ik dit doe. Maant me om weer op de oude plek te gaan zitten. Geen goed teken.

De eerste vraag die hij stelt: “Gebruikt u Cannabis?” Mijn eerste impuls is om er een grapje van te maken. Het ligt op het puntje van mijn tong om te zeggen: “dagelijks”. Mijn vrouw, die vertaalt, geeft me een trap tegen mijn been. Ze kent me. In het Nederlands zegt ze: ”Hier geen grapjes!”.

Ik antwoord beleefd: “Nee, nooit gebruikt”. “Gebruikt u pillen?” “Nee”. “Hebt u slaapmedicatie?” “Nee”. Al die tijd zit ik tegen een zwart hoofd te praten. Hij is alleen geïnteresseerd in verslavende middelen. Omdat ik alle vragen met “Nee” heb beantwoord, ben ik hier goedgekeurd.

Als laatste moet ik een potje urine produceren. Mijn vrouw legt uit, dat men hierbij controleert op drugs. Ik word dus niet op mijn woord geloofd. Wat zou het? De eerste stappen zijn gezet. Nog een keer terugkomen, om de dan verwerkte informatie naar een andere afdeling te brengen. Na een half jaar zullen we mijn vergunning voor kortverblijf ontvangen. De voorloper van een verblijfsvergunning.