Het is zo’n ’s zomerse dag, waarop het mooie weer niet wil vlotten. De zon gaat schuil achter een dik wolkenpak. Het waait wat, hier en daar. En het is droog. We hebben honger na een ochtend vol activiteiten. Mijn vrouw weet een sfeervol restaurant op Nevski prospekt. Bijna op de hoek met de Moika: Dachniki. Op straat klinken boerderij geluiden: een loeiende koe, een kraaiende haan. Terwijl achter mij de dieren worden doodgereden dalen wij af via een lange trap naar beneden. We komen in een kelder. Binnen is het licht en ruim. Door verschillende afdelingen heen lopen we naar achteren. In mijn linkerooghoek een raampje, waarlangs benen. Laarzen, panty’s, broeken. Steeds weer wordt het beeld ververst.

We krijgen een tafel met een comfortabele bank. Een sfeer waarin ik me thuis voel. Aan de wanden hangen televisie schermen. Beelden van korenvelden trekken aan mijn ogen voorbij. Zingende vrouwen met volle boezems. Mannen op wagens. Paarden ervoor. Terug in de tijd: de Sovjet Unie. Het restaurant profileert zich als Russisch restaurant. Vreemd is het allemaal niet. Ze maken reclame voor Russisch eten. Voor een nostalgische Russische sfeer. De gerechten zijn Russisch. We krijgen: Borsch (bietensoep) als voorgerecht, Kartofje y Grib (aardappels met paddenstoelen) als hoofdgerecht. En daarbij: compote (vruchtendrank van verse bessen) als drinken. We sluiten af met een niet-Russische cappuccino.

Terwijl op de beeldschermen de hartstochten tussen een man en een vrouw op het platteland vertoond worden, zak ik weg in de sfeer van de Sovjet tijd. Ik verzamelde postzegels. Op Russische postzegels stond: CCCP. Geen idee wat dat betekende. Wist alleen, dat het Russische postzegels waren. Inmiddels ben ik de taal een beetje machtig. Weet ik dat de letters staan voor: SSSR: Soyuz Socialistische Sovjet Republiek (Unie van Socialistische Sovjet Republieken). Het land van de arbeiders. Iedereen gelijk. Van dat beeld is niet veel meer over. Het systeem was corrupt. Partijbonzen verrijkten zich. Wie lid was van de partij werd voorgetrokken. Wie –meestal na jarenlang lidmaatschap- hogerop geraakte, verkreeg voordelen. Hoe meer  macht en invloed, hoe meer voordelen. ‘Das war einmal’. Nu heerst het kapitaal.

De vrouwen in de film zijn uitgezongen. Mannen op weg naar het front. De situatie is overzichtelijk. Hoofdpersonen hebben elkaar gevonden. Raken daarna, door omstandigheden, van elkaar gescheiden. Ze hopen, dat het leven zich gunstig ontwikkelt. Zekerheden? Nergens verkrijgbaar.

We lopen naar boven. Het geluid van Nevski prospekt overstemt de loeiende koe. De kraaiende haan kukelt zich boven het lawaai uit. Ik kijk naar Suvs en 4-wheeldrives. Met veel herrie probeert een gepimpte BMW snelheidsrecords te breken. Waar zijn de kloeke vrouwen van weleer? Waar zijn de mannen die zich met trots melden bij het Rode leger? Die hun geliefden trouw zweren? Ze achterlaten met de geruststelling, dat ze terugkomen. Ze rijden in dure auto’s. Op jacht naar kapitaal. Leren snel van het westen. Investeren, winst, rendement. De aandeelhouders tevreden stellen. Als het niet volgens de regels lukt, de regels naar je hand zetten.

Dan komen we Maria tegen. Een prachtige zwartharige vrouw, bruine ogen, haren in een vlecht. Getrouwd geweest. Haar Russische man overboord geworpen. Zelf begonnen. Gewoon om te leven. Ze verdient voldoende. Zal nooit rijk worden. Nooit in een SUV rijden. Maar wat bomt het? Graag ook tijd voor de opvoeding van mijn kinderen. Vrije tijd. Meedoen aan de ratrace? Een uitvinding van mannen. Nee, ze verlangt naar liefde. Naïef misschien. Zij bezit het Russische oer-verlangen naar het soort liefde uit de oude Sovjet Films. Hartstochtelijk. Een man. Niet om zijn auto. Niet om zijn geld. Om zijn hart, om zijn liefde, om zijn trouw. Om wat we delen.