Uit regenpijpen stroomt water het trottoir op. Beekjes banen zich een weg naar de straat. Ik loop –ondanks mijn waterdichte schoeisel- springend en plassen ontwijkend, mijn route. Terwijl ik uitwijk, nadert mij een man. Beiden hebben we snelheid. Ik probeer een botsing te vermijden. Hij loopt door. We raken elkaar hard. Ik mompel nog: sorry. Hij loopt gewoon verder. Horkerig gedrag. Het is de tweede keer deze week, dat ik, in botsing kom met een Russische man. Twee dagen geleden stapte ik de bus in. Een man stond te treuzelen bij het uitstappen. Ik wilde langs hem heen naar binnen glippen. Opzettelijk liep hij hard tegen me aan. Fysiek kan ik zoiets wel hebben, maar ik ervoer het als bijzonder vervelend.

Intussen regent het verder. Het is zo’n dag waarop je het liefst in bed blijft liggen. Zeker als je zoals, ik te voet en met het openbaar vervoer reist. Het verkeer staat bij dit weer muurvast. Je zit dan wel lekker droog in je auto, opschieten doe je niet. Mijn vervoer is de metro. Je maakt snelle kilometers. Er valt wat te zien. Meer vrouwen dan mannen. Er gebeurt altijd wel iets. Veel mensen slapen. Het komt door de lange werkdagen. Vermoeidheid slaat toe. Zittend op een metrobank, terwijl je met hoge snelheid op je bestemming af koerst, vallen je ogen dicht en doe je makkelijk een dutje. Ook mannen trouwens. Terwijl ze in hun gedrag vaak niet te doen zijn, geven ze zich hier over aan ontspanning, aan vertrouwen, tussen vreemden. Sluiten ze de ogen, vergeten ze zichzelf, vergeten de wereld.

Zo wisselen de ervaringen met mijn sexe-genoten. Komt het door hun opvoeding? Als de jongetjes klein zijn worden ze beschermd door hun moeders. Dat beschermen gaat lang door. Zolang de jongetjes dat toestaan. Eenmaal volwassen zijn ze vaak lomp in hun gedrag. Bij een conflict met een vreemde staan ze direct met de vuisten klaar. Als ze zich in het nauw gedreven voelen, werken ze zich er hardhandig uit. Nooit een excuus. Zelfs als ze je op iets wijzen, stoten ze je hard aan. De mannen die ik beter ken vallen mee. Mogelijk gedragen ze zich op straat ook als een haantje, in hun directe contacten zijn ze aangenaam. Ze noemen me snel ‘droek’ (vriend) en drinken op z’n tijd -met of zonder mij- een stevige borrel. De doorsnee Russische man is een macho man. In het algemeen merk je er niet zoveel van. Ze laten de ander met rust. Zodra je te sterk in hun comfortzone komt, spannen ze de spieren. Ze laten niet over zich heenlopen.

Maar bij de bushalte zie ik een man te hulp schieten bij een vrouw met kind en kinderwagen. Hij helpt de vrouw de bus in en loopt verder. Iets verder probeert een man in zijn beste Engels twee toeristen de weg te wijzen. Als ze het snappen groet hij hen en loopt verder. Alsof dat nog niet genoeg is, wanneer twee vrouwen hem vragen om een foto van hen met hun smartphone te maken, stelt hij zich uitgebreid op, vraagt hoe het toestel werkt en maakt tenslotte een wereldfoto. Alles is relatief, het is maar hoe je het bekijkt.

Vermoeid zit ik in de bus naar huis. Tegenover mij staat een man op, hij wil uitstappen. Als de bus onverwacht remt, verliest hij zijn evenwicht en belandt bij mij op schoot. Snel herstelt hij zich, mompelt een excuus, vervolgt zijn weg. Mannen in Rusland: zo botsen ze tegen je op, zo zitten ze bij je op schoot.