De taxi manoeuvreert door immense sneeuwmassa’s. Mensen schuifelen over verraderlijk glad bevroren plekken. In Nederland komen de krokusjes uit de grond. Voor ons rijden sneeuwschuivers met oranje zwaailichten. Winter tot april. De voorjaarsmaand van Sint-Petersburg. Direct gevolgd door de witte nachten. Nachten waarin het niet donker wil worden. Waarin sommigen snakken naar verlossende slaap. Anderen zich onderdompelen in het bruisende nachtleven.

De taxi is betaald. We stappen uit in een wijk, even buiten het centrum van de miljoenenstad. Hier ergens moet het zijn. Mijn vrouw vraagt het aan iemand. Het restaurant waarvan ik de naam kwijt ben, bevindt zich in deze straat. Dat is wel zeker. We weten zelfs een huisnummer. Het meisje aan wie we het nog eens vragen, haalt haar mobieltje tevoorschijn. Ze tikt de naam in op het scherm. Er ontvouwt zich een plattegrond. Een blauwe stip is de plek waar wij ons bevinden. Een speld geeft aan, waar het restaurant zich bevindt. Zo’n 25 meter verderop. We zijn er al een keer langs gelopen. Bedanken het meisje. Gaan een gebouw binnen. Met een roltrap een verdieping hoger. Ook daar ontbreekt elke verwijzing naar een restaurant. Ze moeten het hebben van naamsbekendheid, niet van vindbaarheid. Uiteindelijk wijst een schoonmaakster ons de weg. Met de lift naar boven. Naar de 9e verdieping. In de lift bij nummer 9 een klein bordje met de naam en het Russische woord: Pestopah. Zodra we de lift uitstappen klinkt sfeermuziek ons tegemoet.

We worden welkom geheten. Noemen de naam van de jarige. Dat opent deuren. We worden direct naar een tafel gebracht, waar al een klein gezelschap zit. Als cadeau heb ik bloembollen en oude kaas op een snijplank uit Nederland meegebracht. Dat valt in de smaak. Een eerste toost wordt uitgebracht. We zitten hoog. Dat levert schitterende vergezichten op. Het schemert, maar in de verte tonen zich de Peter en Paul Kathedraal en de Izaak Kathedraal. Bleek nog, worden ze verlicht. Naarmate het donkerder wordt, komt de verlichting beter tot zijn recht.

Alle genodigden laten zich fotograferen. Plaatsen zich voor het uitgelichte panorama van de stad. De wijn is goed. Omdat Europese wijnen hier duur zijn, schenkt men meestal Georgische wijnen. Die hebben een zekere faam. Zodra de inhoud van een glas de bodem nadert wordt er bijgeschonken. Het is dus een zaak de bodem uit het zicht te houden, wil je niet aangeschoten het pand verlaten.

Plots klinkt er life zang. Een karaoke zanger en een karaoke zangeres zingen een mix van Russische liedjes en Westerse popsongs, die het in het hier goed doen. Direct stappen er een aantal gasten van hun tafeltjes. Lopen naar het zangduo. Beginnen een dansje. Ik moet er ook aan geloven. Dansen op grote hoogte. Wat zal het? De sfeer is goed. De Georgische wijn doet zijn werk. Dit alles tegen het decor van een verlichte stad. Het leven is hier goed. Het eten smaakt. Ik zit hier hoog en droog met een aangenaam gezelschap, op 9-hoog te genieten van een verjaardagsfeestje.

De wijn doet zijn werk. Ik sluit even de ogen, probeer wakker te blijven. Vecht tegen een oneindig veel sterkere tegenstander. Als een schone slaapster word ik wakker gekust door mijn vrouw. Met hernieuwde energie loop ik naar de geïmproviseerde dansvloer. Terwijl de zangeres: ‘Stangers in the night’ imiteert. Laat ik me leiden door mijn echtgenote. Zachtjes zingt ze ‘Frank Sinatra’ na. Buiten is de nacht. Je moet het gewone leven af en toe ontstijgen. Door in een lift te stappen. Van bovenaf ziet de wereld er een stuk overzichtelijker uit. Je mist de details, maar je weet ineens weer waar je staat.