minibus

Het openbaar vervoer in Sint Petersburg is goed geregeld. Dat moet ook wel, want hoe krijg je dagelijks zo´n 4 miljoen mensen op hun plek? Er rijden trolleybussen, trams en gewone bussen met walmende dieselmotoren. Onder de grond in de metro gaat het snelst. Een andere manier om door Sint Petersburg te reizen is met de minibus. Het principe is eenvoudig en praktisch: de bus rijdt een vaste route en stopt op verzoek van wachtende passagiers bij vaste halteplaatsen of op verzoek van passagiers in de bus, die willen uitstappen. Iedere route heeft een eigen nummer. Vaak komen ze op plaatsen waar het andere openbaar vervoer niet komt. En reizen met de minibus is iets duurder maar het gaat sneller.

Tegenwoordig rijden er luxe minibusjes speciaal voor de dit doel gebouwd. Er is plaats voor zo’n 13 personen en het heeft instapdeuren die automatisch openen en sluiten. Voor deze busjes kwamen reed men in omgebouwde Fords Transit en Volkswagens Transporter, daarin stoelen geplaatst en als je in of uitstapte bediende je zelf de schuifdeur. De chauffeurs op dit soort busjes zijn vaak Oezbeken, die in hun land een rijbewijs hebben verkregen. Hun rijstijl is daar ook naar.

Ik moest snel naar een bestemming die makkelijk per minibus en moeilijk met ander openbaar vervoer te bereiken was. Ik stak mijn hand op en voor mij stopte een oude minibus: een Ford Transit, die was omgebouwd voor vervoer van mensen. Ik besefte dat de nog niet alle busjes vervangen waren. Ik trok de schuifdeur open en ik zag dat alle plaatsen bezet waren. Het regende licht en de damp sloeg mij vanuit de kleine ruimte tegemoet. In het pad tussen de stoelen was nog staanplaats. Hoewel, staanplaats was in dit geval niet het juiste woord: ik ben bijna twee meter lang en de enige manier om in deze bus te staan was gebukt. Even overwoog ik de bus door te laten rijden en te wachten op een volgend mogelijk wat comfortabeler busje maar ik had haast en vooruit dan maar. Ik worstelde me naar binnen en trok de schuifdeur met een harde klap achter mij dicht. Dat is voor de chauffeur het signaal om weg te rijden.

Intussen moest ik vanuit mijn portemonnee 27 roebel vissen en de chauffeur betalen. Met kunst en vliegwerk, want de bus trekt op, stopt en rijdt over heel veel hobbels en kuilen, lukte me dat. De hele rit heb ik gebukt gestaan intussen spiedend door een beslagen stukje voorruit om mijn uitstaphalte niet te missen. Ruim van tevoren riep ik: volgende halte in het Engels en de chauffeur begreep het. Eenmaal gestopt trok ik de schuifdeur weer open, sprong gebukt naar buiten en duwde de schuifdeur dicht. Ik richtte mij op en haalde ik diep adem. De Ford Transit reed weg. Achter de beslagen ramen vermoedde ik 13 Russen, die zo hun gedachten hadden bij de gebukt staande Nederlander. De Russen hadden mij weer eens een overtuigend lesje in nederigheid geleerd.

Hans van der Maarel