Een groot deel van de inwoners van Sint-Peterburg heeft geen auto. Dat zou je niet zeggen, als je het verkeer op straat ziet. Het is trouwens maar goed ook, want de mobiliteit in deze stad zou volledig vastlopen. De meeste inwoners gebruiken het openbaar vervoer. Op straat zie je heel veel mensen lopen. Iedereen is op weg. De een met en de ander zonder bagage.

Ik zit in een gammele bus op weg naar een winkelcentrum. Bij de uitgang van de bus staat een grote vierkante doos, met bindtouw erom en plakband. Een man staat erbij. Hij kijkt alsof hij met een onhaalbare missie bezig is. De doos is in de bus gekomen, hij zal er ook wel uit kunnen. Bij het vervoeren van grote objecten handelen conducteurs op voertuigen verschillend. Als ik met een grote koffer naar het vliegveld reis, moet ik steevast voor de koffer bijbetalen: een extra kaartje. Of de man in deze bus heeft bijbetaald? Ik betwijfel het. Een Rus kan zich in deze beter verdedigen dan ik.

Bij het uitstappen – een drukke halte bij een metrostation- ontstaat een fikse opstopping. De man met het pakket vertilt zich bijkans aan het zware object. Niemand helpt hem. Zuchtend schuift hij het gevaarte tree voor tree naar beneden. Daarbij duwt hij opstappers opzij. Als de doos op de grond staat, volgt er een moeder met kinderwagen. Die wordt wel geholpen. Moeders genieten een welhaast heilige beschermstatus in Rusland.

Ik ben ook uitgestapt. Het valt me weer eens op, hoeveel mensen er iets dragen. Boodschappentassen, al dan niet gevuld met producten. Baboesjka’s en dedoesjka’s rijden vaak met een rolkoffertje. Dat zijn geen moderne handbagagekoffertjes, maar geïmproviseerde tassen aan een ijzeren frame met wieltjes, die een hoge graad van slijtage vertonen. Piepend en kreunend bewegen zij zich door het straatbeeld. Jongeren lopen met plastic tassen, waarvan duidelijk is, vanwaar zij afkomstig zijn: Rive-Gauche (linkeroever) een Franse cosmeticawinkel, die opvalt met de kleuren: paars, groen, blauw en roze, met als opschrift: РИВ ГОШ. Mannen lopen met stukken hout, bij elkaar gehouden met tape. Ik kom een jongeman tegen met zijn armen om een flat screen televisie. Beeldformaat toch zo’n 100 centimeter diagonaal. In een kartonnen doos. Een vrouw met een grote bos bloemen, die in de drukte beschermd moet worden.

Ik ben altijd blij als ik met zo min mogelijk ballast op stap ga. De stad is druk en warm. Het krioelt er van de mensen. Openbaar vervoer is vaak oud en oncomfortabel. Het is dan ook altijd plezierig als ik met mijn vrouw op weg naar huis ben en zij bij een fruitkraam op straat, uitroept, dat de aardbeien, zo goedkoop zijn. Even later loop ik met kwetsbaar fruit op mijn armen. Nog even de supermarkt doen. Beladen met producten bewegen we ons huiswaarts. Soms gebeurt het omgekeerde. Dan worden er al zaken gekocht op weg naar onze bestemming. Op het einde van de dag, terug naar huis, moeten die weer mee in metro, tram en bus.

Russen sjouwen. Hun hele leven lang. Zelfs als ze een auto bezitten, zijn er regelmatig momenten, waarop ze overbeladen hun spullen door het leven moeten verplaatsen. Ik vraag me weleens af, waarom ik dat in Nederland minder zie: sjouwen met spullen. Dat komt realiseer ik mij, door onze fietsen. Wij hebben gewone fietsen, elektrische fietsen, fietskarren. Deze voertuigen op wielen zijn een geweldig middel om zaken mee te vervoeren. Je zou het de inwoners van Sint-Petersburg willen aanbevelen: gebruik de fiets! Helaas, fietsen in deze stad is levensgevaarlijk. Beter sjouwen, dan door een auto van je fiets gereden worden, denken ze hier.