Selecteer een pagina

Ik sta bij een bushalte. De bus waarop ik wacht kan ieder moment deze halte aandoen. Maar als de verwachte aankomsttijd daar is, gebeurt er niets. Naast mij staat een man. Ik ga ervan uit, dat hij op dezelfde bus wacht. Als er nog eens vijf minuten verstreken zijn, zonder dat er een bus langs komt, spreek ik de man aan. Ik loop naar het gele rijtijden bord. Wijs de aankomsttijd aan. Hef beide handen omhoog. Met een gebaar van: waar blijft ie nu? De man begint iets uit te leggen in het Russisch. Ik probeer nog: par Anglesi, maar dat haalt niets uit. Hij praat gewoon verder. Het wordt nog onduidelijker als er een bus aankomt met een ander lijnnummer. Mijn buurman zegt me gedag. Stapt in.

De volgende aankomsttijd van mijn bus is een uur later. Na vijftien minuten wachten besluit ik een alternatief te zoeken. Dat valt nog niet mee. Meestal ga ik met de metro. Die is overzichtelijk. Ik kies nu juist voor de bus, omdat er hier geen metrolijn ligt. Wat nu? Ik kan ik natuurlijk een taxi nemen. Voor 300 roebel (4 euro ) kom ik ook op de plaats van mijn bestemming. Het probleem hierbij is, dat ik absoluut niet in staat ben om telefonisch uit te leggen: a. dat ik een taxi wil, en b. waar de taxi naartoe moet rijden om me op te pikken. Dit hier in het Engels doen: onmogelijk.

Na een stukje gelopen te hebben dient de oplossing zich aan. Een café op de hoek is op dit tijdstip geopend. Een taxi gaat me dus een capucino en de taxirit kosten. De vrouw achter de bar is uiterst vriendelijk. Ze spreekt goed Engels. Belt een taxi voor me. Zegt me, dat ik tien minuten moet wachten.

De taxichauffeur is een onbehouwen type, die wat Duits spreekt. Hij begint gelijk over politiek. Dat het in dit land zo slecht geregeld is met de salarissen. Met de pensioenen. Dat de overheid corrupt is. De grote leider is de grootste boef. Ik maak een grapje. Zeg, dat hij misschien wel afgeluisterd wordt door de geheime politie. Hij barst in schaterlachen uit. Als dat zo is, dan was hij al lang gearresteerd.

Hij is nog niet uitgelachen, of hij trapt vol op de rem. Voor ons staat een politieauto. Daarnaast een agent die zijn hand opsteekt. Niet om ons te groeten, maar om ons tot stoppen te bewegen. De chauffeur stapt uit. Buiten ontstaat een discussie, waarbij de polititeman wijst op één van zijn voorlichten. Ik had al gezien, toen de taxi  eraan kwam, dat zijn linkerkoplamp het niet deed. De taxichauffeur kan hoog of laag springen, hij heeft een boete te betalen. Voor zover ik het kan zien, zijn het twee briefjes van 1000 roebel. Bijna tien keer de prijs van mijn taxirit.

De stemming van de chauffeur zit nu helemaal  op een dieptepunt. De rest van de rit verwenst hij het hele politie-apparataat. De corruptie. Hij noemt ze de grootste maffia van Rusland. Ik hoor het maar aan. Gelukkig is de rit snel afgelopen. Ik geef hem  500 roebel om de pijn wat te verzachten. Ik ben op mijn bestemming. Hier staat ook de bushalte van aankomst. Op het moment dat ik er langs loop, zie ik dat de bus tien minuten eerder arriveert, dan de aankomsttijd op het gele bord aangeeft. Nu ben ik helemaal in de war. Toevallig staat er iemand, die Engels spreekt. Ze helpt me uit de droom. Legt me uit, dat er een nieuwe dienstregeling is, maar dat de borden nog niet zijn aangepast.