Russen houden van groot en groots. Dat zie je af aan de winkelcentra. Veel spiegelend glas. Roltrappen. Ruimte. Licht. Vanuit de centrale ruimte de etalages en toegangsdeuren naar de verschillende winkels. Beneden in de gangen de kleine winkeltjes, met sieraden, horloges , mobiele telefonie. Op de verdiepingen de grotere kledingwinkels, elektronica en witgoed. Ertussen diverse café restaurants met koffie en gebak. Het is er altijd druk.

Ik loop door een van de winkelcentra bij mij in de buurt. Het heet: atmosfera.  Aan de buitenkant hing tot voor kort een groot televisie scherm. Als je over de Komendanski Proskpekt aan kwam rijden sprongen wilde reclame beelden op je af. Er is iets mis met het scherm, want een tijdje zag je alleen maar strepen en vegen. Wat later zag ik helemaal niets meer. Zo is het gebleven. Blijkbaar geen geld voor reparatie of vervanging. Of een leverancier, die zijn garantie niet waarmaakt. Het scherm is omgeven door spiegelend glas, waardoor het niet meer zo opvalt als een kapot scherm.

Binnen zit ik aan een tafeltje van een van de koffie cafés. Mijn vrouw is een cappuccino aan het halen. We zijn op zoek naar een reparateur van een mobiele telefoon. Er is iets met de voeding. Ik kijk naar de roltrappen. Een niet aflatende stroom mensen schuift naar boven. Een net zo grote stroom schuift naar beneden. Het is gewoon lopende band werk. Iedereen is hier om iets te kopen. Kleine dingen, grote dingen. Beneden de nagelschaartjes, telefoonkaarten. Boven de flat screen televisies, de laptops, dure kledingmerken. Nog geen dertig jaar geleden bestond deze wereld niet. Toen regeerde de schaarste.

We zijn twee generaties verder. Ouderen die hier komen, meestal in gezelschap van hun kinderen, of kleinkinderen, dragen in zich de herinnering aan armoede. Gebrek aan alles. Bijna geen eten. Geen luxe. Soberheid en spaarzaamheid. Met tenslotte de totale ineenstorting van het communistische systeem. Alle geld weg. Alles van waarde verdwenen.

Toch hoor ik van veel ouderen, dat het in die tijd goed was. Dat ze terug verlangen naar een tijd, waar zekerheden vanzelfsprekend waren. Er was gratis onderwijs. De gezondheidszorg was gratis. Er bestond geen werkloosheid. Volmaakt ideaal was het natuurlijk niet. Kritiek uiten op het systeem, was ten strengste verboden. Reizen naar het buitenland was vrijwel onmogelijk. Maar daar is mee te leven. Voor het gemak verdringen ze de pijnlijke zaken uit die tijd. Dat er werkelijk een tweede systeem bestond,van waaruit afwijkende gedragingen geobserveerd werden en als die gedragingen te veel afweken van het heersende denken, er opgetreden werd. Er gestraft werd.

Zo zal deze generatie ook het nodige verdringen. Ondanks de luxe is er de realiteit van matige salarissen. Is er de realiteit van een schandalig slechte gezondheidszorg. Is er weer net zoveel ondergrondse controle op menselijke gedragingen. Maar dat wuiven we weg met een prachtige kleurentelevisie, een super slimme mobile telefoon, een all-inclusive naar zonnige oorden.

In welk tijd je ook leeft. Onder welk omstandigheden je ook leeft. We focussen ons op de prettige zaken die we meemaken, die we ons kunnen  permitteren. Zolang we dat in beweging houden, hoeven we geen angst te  hebben voor rampspoed. We nemen het liefst de roltrap naar boven. Want die naar beneden voert ons naar de dagelijkse realiteit. Leven om te overleven. De vanzelfsprekende zekerheden op het menselijke vlak, die er ooit waren, zijn ingewisseld voor geld en materie. Alles is te koop. Zorg er dus voor dat je geld hebt. Geef het zorgvuldig uit. Wees spaarzaam. Want als je geld opraakt, is je leven voorbij. Anders gezegd: is je leven geen cent meer waard.