“Cancelled”. Onder alle vluchten die ik via de website van mijn luchtvaartmaatschappij aanklik, staat dit woord. Ik kan niet meer weg uit Sint-Petersburg. De reden is duidelijk. Overal worden maatregelen genomen om het virus te weren. En ieder land hanteert zijn eigen beschermingsmaatregelen. Rusland gaat op slot. Officieel zijn er hier nog maar een gering aantal besmettingen, maar het virus laat zich niet stoppen.

Met de maatregelen is het als een regenbui. De eerste druppels zijn nog te hebben. Stevig doorlopen, dan heb ik er geen last van. Wat later barst de bui los. We zitten nu zo’n beetje in plenstijd: Universiteiten zijn gesloten, bijeenkomsten van meer dan 50 mensen zijn verboden. Er wordt veel afgeraden. Houd altijd een afstand van 1 ½ meter aan, naar je medemensen. Draag zo nodig mondkapjes. Tegelijkertijd probeert men paniek te voorkomen. Er is in theorie in Rusland nog niets aan de hand. Maar om te voorkomen dan er wel iets losbarst, neemt de overheid maatregelen.

Bij de grote supermarkten is van hamsteren geen sprake. Hooguit ontbreken producten als zeep en soda, omdat die goed ontsmetten. Bij de goedkopere winkel bij mij in de buurt loop ik wel tegen lege schappen aan. De eieren zijn op. Twee dagen geleden stond er nog een pallet vol. De schappen met meel, rijst, macaroni en granen: helemaal leeg. Toiletpapier: alleen de dure rollen staan er nog. Zelfs de goedkope keukenrollen worden schaars. Daar kun je ook je billen mee afvegen. Wat nog voldoende aanwezig is: alcoholische dranken. Bij schaarste kan ik altijd een alcoholkuur volgen. Het wordt me zelfs van diverse kanten aangeraden, om iedere dag een of twee glazen wodka te drinken. Daarmee schijn je het virus ook te kunnen weerstaan. Of dat mentaal of fysiek is, laat ik in het midden.

Als ik twee dagen later de goedkope supermarkt binnenloop is er van gebrek aan levensmiddelen geen sprake. Er staat weer een pallet met eieren. De schappen voor macaroni, rijst en meel worden bijgevuld. Waar is de paniek? Ik pak maar wat aanbiedingen uit de schappen. Troost me met de gedachte, dat ik nog een volle portemonnee heb, in plaats van een volle voorraadkast. Overal ter wereld, hier ook, zijn mensen bezig met het maken van inschattingen. Het is gokken. Gokken met je gezondheid. Met je leven mogelijk. Dat maakt wat los in mensen.

Het virus gokt niet. Het is recht door zee. Crisistijd haalt het beste in mensen naar boven. We blijken sociaal te zijn. Helpen zo mogelijk, waar hulp gevraagd wordt. Soms met gevaar voor eigen gezondheid. Maar er zijn er, die wat minder om zich heen kijken. Die vooral voor zichzelf zorgen. Wat ze niet krijgen, nemen ze. Ze komen er nog mee weg ook, want geld regelt alles. Het virus kijkt niet naar goed of slecht, arm of rijk. Mensen bezwijken eraan, of ze overleven. Geld speelt in deze geen enkele rol.

Natuurlijk, met veel geld kun je je volledig isoleren. Je sluit je op. Laat eten en drinken verzorgen, zonder dat je ook maar enig contact maakt met de bezorgers ervan. Maar hoe lang houd je het vol zonder medemensen? Zonder contact? Een week? Een maand? Als je het virus echt wilt ontlopen, geen enkel risico wilt nemen, heb je minstens twee jaar nodig. In eenzame opsluiting. Tegen die tijd is er een antivirus tot medicijn verwerkt. Dan stap je opgelucht uit je isolement. Blijk je een andere ongeneeslijke kwaal te hebben. Rijk of arm, voor iedereen geldt hetzelfde. Als je tijd daar is, ontkom je niet aan je afspraak met de dood. Die vlucht wordt nooit ‘gecancelled’.