Een groot bord bij de entree naar het strand: verboden het strand te betreden. Op straffe van. In verband met de verspreiding van het Corona virus. Zo luidt in het kort de tekst op een van de borden langs het strand  aan de Finse Golf. Mijn vrouw is deze kant op gevlucht, omdat er hier nog een relatieve vrijheid bestaat. Ze mag boodschappen doen. Ondanks het verbod wandelt ze er met een vriendin, of met kennissen. Hier wordt niet streng gecontroleerd. Soms vliegt er een drone over. Dan schuilen ze onder de bomen. Als hij verdwenen is vervolgen ze hun weg.

Het strand ligt er leeg bij. Het besef van de ernst van de ziekte, die het virus verspreidt dringt door. In het begin van lockdown zag je op een van de warmere dagen nog mensen barbecueën. Het was behoorlijk druk. De politie greep niet in. De kans op besmettingen werd onderschat. Naarmate meer nieuws over doden en overvolle ziekenhuizen doorsijpelde, is men voorzichtiger geworden. De politie handhaaft nu wel. Je moet een goede reden hebben om nog op straat, laat staan op het strand, te zijn.

Het strand is leeg. De temperatuur blijft laag. Het oogt als een onbewoond eiland. Maar, het wordt warmer. Ik ben benieuwd hoe lang men het strand gesloten kan houden. Russen laten zich makkelijk intimideren, maar het nemen van risico’s is een van hun eigenschappen.

Hier heb ik in vele zomers doorgebracht. Ouders met kinderen, al dan niet onder de parasol. Moeder of vader erbij, als ze de zee in gaan. De zee, die zo’n vijftig meter ver, niet hoger reikt dan je knieën. Als er geen golven zijn tenminste. Heeft het elders hard gewaaid, dan zijn er hoge golven. Is het vechten tegen watermuren. Spattend schuim. Harde klappen tegen je lichaam. Jezelf weer terugvinden met de voeten op de bodem. Soms is het hier verraderlijk. Dan voel je de stroming van het water zee-inwaarts aan je benen trekken. Kost het moeite om zelfs lopend aan de kant te komen.

Surfers die hun baantjes trekken. Voor beginners is het hier ideaal: meestal een vlak wateroppervlak. Kite-zeilers, die profiteren van de hier altijd aanwezige wind. Dat alles speelt zich af in en op het water. Dan zijn er de mensen, die het graag gemotoriseerd doen. Duiken er ineens een paar waterscooters op, of een speedboot. Het krioelt door elkaar op het water, dat geen zee mag heten. Het gaat altijd goed, maar het is en blijft opletten geblazen.

Op het strand vindt men het een uitdaging, om met quads te koersen. Bij dit soort ondernemingen vraag ik me wel eens af waar die gasten hun verstand hebben zitten? Een kind, dat onverwachts oversteekt. Ik moet er niet aan denken. Bovendien het geeft herrie en de stank van uitlaatgassen. Gelukkig duren dit soort ondernemingen niet al te lang. Ik denk dat ze de spanning bij de strandbezoekers voelen oplopen. Mijn vrouw vroeg me eens, wat er gebeurt, als ze dit in Nederland zouden doen. Ik antwoordde: ze krijgen een  bekeuring en mogelijk worden hun voertuigen in beslag genomen. Ze kon het bijna niet geloven.

Verder zien  we fietsers, die langs de kustlijn tochtjes maken. Het naaktstrand, waar mensen in hun blootje volleyballen. Overal goed ingesmeerde zonnende lichamen. Pootjebaden, spelevaren. Dit alles is er nu even niet. Het zal de vraag zijn, wanneer de beperkingen worden opgeheven. Als ze voorbij zijn, hoe makkelijk mensen zich op het strand bewegen. Houden ze afstand van elkaar?  Zijn ze behoedzaam? We gaan het zien. Voorlopig moeten we het doen met een strandverbod. Kunnen we alleen maar wegdromen in herinneringen.