Selecteer een pagina

Opgewekt zijn we ’s middags op weg naar het gebouw van de immigratie. Om twee uur kunnen we er terecht om mijn verblijfsvergunning op te halen. Dat is vier keer per week mogelijk. We hebben geen idee of het druk is. We gaan ervan uit, door de Corona pandemie, dat het mee zal vallen. Onze minibus rijdt door de straat waar het kantoor gevestigd is. Daarbij komen we voorbij een gebouw waar Oezbeekse federatiegenoten zich laten registeren. Overal staan groepjes mensen te praten. Ze vullen het hele straatje. Is dit een veeg teken?

Met de lift naar de derde verdieping. Als de deuren openschuiven zien we een gedeelte van een rij wachtende mensen. Een stapje voorwaarts maakt duidelijk dat de rij tot het einde van de gang gaat en mogelijk nog verder. Er zijn vandaag 130 nummers te vergeven. Een ruwe inschatting maakt duidelijk, dat we weinig kans maken tot die 130 gelukkigen te behoren. We besluiten tot een half uur te wachten, dan worden  de nummertjes uitgedeeld.

De rij komt in beweging. Vooraan zien we telkens plukjes van zo’n tien mensen naar binnen lopen. Na tien minuten is het gedaan. De nummers zijn op. Wij staan met een vijftig man elkaar aan te kijken: helaas. Intussen is er voor volgende week een algehele lockdown in St. Petersburg afgekondigd. Aangezien ik in de zelfde week terug wil naar Nederland, hebben we hebben nog maar één dag: vrijdag, om mijn vergunning te regelen. Op deze dag zijn er bovendien minder nummers te vergeven: slechts vijftig.

Mijn vrouw besluit, op vrijdag omstreeks half negen naar het bureau te gaan. Ik wil dat ook wel doen, maar er wordt veel gesjoemeld met zogenaamde wachtlijsten van mensen die de vorige dag tevergeefs hebben gewacht. Men claimt daarbij voorrang. De realiteit is rotter. Men schrijft een aantal namen op deze lijst en tegen betaling koppelen ze jou aan die naam. Dat zal mij volkomen ontgaan, waardoor ik mogelijk geen nummer zal krijgen. Mijn vrouw is alert, spreekt Russisch en is niet van plan zich te laten belazeren. We spreken af, dat ik mij omstreeks 12 uur meld. Een telefoontje stelt me al gerust. Na veel gedoe heeft mijn vrouw plaats nummer 36 bemachtigd. ‘Doe maar rustig  aan’.

Ik ben er klokslag 12. Dan blijkt, dat de hele actie van mijn vrouw overbodig was. Ze is er achter gekomen, dat mensen van 70 jaar en ouder voorrang hebben. Dat blijkt snel. We hoeven slechts mijn paspoort te laten zien en ons wordt toegezegd, dat we nummer één krijgen,. We mogen zelfs binnen wachten, waar we kunnen zitten. Om half twee begint men met het uitdelen van de nummers en we krijgen inderdaad nummer één. Zelden heb ik me zo vereerd gevoeld. Dit is nog eens leeftijdsdiscriminatie in positieven zin!

Om twee uur opent er een loket en ons nummer wordt opgeroepen. Mijn verblijfsvergunning ligt klaar. Dat is een hele geruststelling, maar ik moet mij eerst uitschrijven op het adres in Sint-Petersburg, waar ik woon, bij mijn vrouw dus. Want dit adres is gekoppeld aan mijn voorlopige (de oude) verblijfsvergunning. Het invullen van een formulier ter plekke volstaat. Nadat dat twee keer opnieuw moet, omdat we er foutjes in maken, accepteert de vrouw achter het loket de verklaring. Ze neemt mijn paspoort in. We moeten wachten bij een ander loket waar iets later de handtekeningen moeten  worden gezet, en waar ik mijn verblijfsvergunning ontvang.

Daar sta ik dan met een verblijfsvergunning met onbeperkt visum. Nooit meer in de rij staan. Hoewel, bij mijn volgende bezoek zal ik me nog een keer moeten registreren en me opnieuw inschrijven op het adres, waar ik nu woon.