Selecteer een pagina

Ik had er nog geen zin in, als ik heel eerlijk ben, de eerste sneeuw. Als kind kon ik me erop verheugen. Een sprookjeswereld, ver verwijderd van de boze realiteit. Nu ervaar ik vooral de overlast die het geeft. Ik moet naar de supermarkt en dat is glibberen. Ondanks dat ik een warme winterjas draag dringt de waterkoude door tot op mijn botten. Het zal met de leeftijd te maken hebben. Ik bereik de winkel zonder al te grote problemen. Het is opgehouden met sneeuwen en voor een kort ogenblik nog is daar die witte wereld. Een ander licht, omdat witte vlakken meer reflecteren dan de alledaagse zwarte. De sneeuw is van korte duur. Auto’s rijden in een mum van tijd het poederlaagje aan gort. Overal waar mensen lopen ontstaan zwarte paden. Alleen op de daken van de winkeltjes op straat blijft het wat het langer liggen.

De boodschappen zijn snel gedaan. Als ik de supermarkt uitloop is bijna alle sneeuw verdwenen. Wat overblijft is een vieze brei, waar je met waterdichte schoenen doorheen moet. Ik moet denken aan de periode die we tegemoet gaan. Een tijd waarin het stevig door kan sneeuwen, soms wel dagenlang. Het verkeer ervaart ondanks de hulp van sneeuwschuivers en schoonmaakploegen de nodige overlast, maar de inwoners van Sint-Petersburg trekken erop uit, naar de parken of naar de randen van de stad. Op hun schouders dragen ze lange latten. Eenmaal op de plaats van bestemming, binden ze die onder en ‘lopen ze lang’, vrij vertaald: ze gaan langlaufen.

In deze sfeer komt mijn vrouw altijd in actie. Wij gaan ook! Rekening houdend met mijn afwijkend grote lengte en schoenenmaat, hebben we buiten het seizoen, want dan is de voorraad uitgebreider, een paar skiën met bijbehorende stokken gekocht, helemaal afgesteld op mijn maten. Wat let ons. Dikke kleding aan. Skiën en stokken op onze schouders en lopen naar de dichtstbijzijnde mogelijkheid. Een bos aan de rand van de stad, dat begint onder de nieuwe rondweg. We lopen voorbij aan schuine waterhellingen, waar moeders en vaders, hun kinderen in sleetjes van afduwen. Winterpret.

Een claxonnerende auto haalt mij terug in de realiteit. Een van de voetgangers vind het oversteek licht te lang op rood staan en waagt een poging om over te steken. Het loopt goed af, zoals het hier meestal goed af loopt. Ik besef. Dat ik niet in een heel  vrolijke stemming verkeer. Vervolg mijn weg naar huis. Op het voetbalveldje bij de school, wordt ondanks de gesmolten sneeuw nog hartstochtelijk gevoetbald. Terwijl de kreten van de voetballers in mij hoofd weerklinken loop ik naar boven. Naar onze woning. Als ik de deur open doe ben ik aangenaam verrast. Mijn vrouw heeft het eten klaar. Ze zegt dat we de eerste sneeuw  dit jaar moeten vieren.

Op tafel staan heerlijke gerechten met paddenstoelen, zelf geplukt in de zomer, uit de diepvries, maar ook zalm en haring, lekkere sausjes, en een flesje Armeense cognac. In een flits zijn mijn  zware gedachten verdwenen. Wat er ook gebeurt, in wat voor omstandigheden je ook terecht komt, als je een partner hebt, die goed aan voelt wat stemmingen doen, dan mag ik mij gelukkig prijzen.

Ik ben trots en ik ben blij met mijn Russische vrouw. Overleven zit in haar bloed. Optimisme is haar leidraad. Terwijl ik als nuchtere Nederlander het leven nogal eens bekijk vanuit sombere analyses  en kritische kanttekeningen, ervaart mijn vrouw hetzelfde, maar ze schakelt in de overlevingsstand en zorgt ervoor dat al te negatieve berichten haar niet onderuit halen. Wij willen dat nog wel eens struisvogelgedrag noemen. Zij laat de struisvogel vliegen.