Selecteer een pagina

Het loopt tegen het einde van het jaar. De dagen hier zijn kort (zon op: 09.49, zon onder: 15.53). Overal branden lichtjes. In deze sombere tijden mag er wel wat tegengas gegeven worden, zal het stadbestuur van Sint-Petersburg gedacht hebben. Ik kom terug van een afspraak en ik besluit in één van de cafés wat te gaan drinken. Buiten begint het te schemeren. Binnen lokken de kerstlichtjes en de warmte. Ik stap een café binnen waar ik wel vaker kom, word hartelijk begroet als een oude bekende. Ik voel me direct op mijn gemak. Na een wodka of twee zak ik weg in mijn gedachten. In een stemming om terug te kijken naar een bewogen jaar. Allesbepalend was en is natuurlijk de Corona epidemie. De aanvankelijke luchtigheid van de Russische autoriteiten maakte snel plaats voor grote zorgen en paniek. De bevolking wil niet gevaccineerd worden met het door Rusland zelf ontwikkelde vaccin. Algeheel wantrouwen tegen wat de overheid in deze adviseert.

In de eerste maanden van dit jaar zat ik min of meer ‘vast’ in Nederland, gescheiden van mijn vrouw  die ik al maanden niet gezien had. Door WhatsApp en Skype hielden we elkaar levend. De vaccinaties kwamen langzaam op gang. En de toelatingseisen voor gehuwden naar Rusland werden soepeler. In mei mislukte het dan bijna toch nog omdat niet kon aantonen (met officiële documenten), dat ik daadwerkelijk getrouwd was met mijn vrouw. Ik werd gered doordat de douane uiteindelijk een foto van de officiële Nederlandse trouwakte accepteerde, die mijn vrouw terugvond.

Gedurende de zomer werden alle maatregelen in Rusland losgelaten. Terrassen mochten open. Geen mondkapjes plicht meer. Lang leve het hernieuwde leven. Als er wat te vieren valt, laat het aan de Russen over. De gevolgen lieten zich raden. In het najaar kwam het virus terug en was er sprake van een vierde golf alweer. Schrikbarende cijfers, veel besmettingen, veel zieken, veel doden. Ziekenhuizen overbelast. De overheid zag met lede ogen aan, dat de bevolking maar niet warm wilde lopen voor de vaccinaties. Liever ziek of dood, dan een virus van de overheid in mijn lijf denken veel burgers hier.

Ondanks deze ontwikkelingen is mijn  geplande expositie over Nederland doorgegaan. Ik exposeerde er een twintigtal foto’s. Verder hingen er schilderijen en schetsen. We exposanten hadden het kunnen annuleren, maar in deze tijd waarin zoveel geannuleerd wordt was het tijd om een daad te stellen. Ondanks alle ellende creëren we lichtpuntjes. Hoe klein ook, als we de moed helemaal verliezen is er geen houden meer aan. Het zit in onze natuur om op de puinhopen van het verleden nieuw leven te beginnen.

Er staat een kerkorgel in een Russische ruimte. Ik kan niet genoeg benadrukken wat een interessant gegeven dit is, in het licht van onze betrekkingen met Rusland. Die zijn op moment van schrijven namelijk bar slecht. In het verleden was de ‘orgel’ ruimte Nederlands, nu Russisch. Dat er Nederlandse activiteiten plaatsvinden, mede door het Nederlandse verleden, mag een wonder heten. Wat Rusland (terug)neemt staat het nooit meer af.

Intussen mogen Nederlanders weer vrij reizen naar Rusland. Maar niet veel landgenoten maken daar gebruik van. Geef ze eens ongelijk. Er gelden hier geen maatregelen. De pandemie lost zich zelf op, nog steeds ten koste van vele slachtoffers. Het verblijf hier is riskant. Als je tot een risicogroep behoort: “Blijf weg!”

Gelukkig worden mijn gedachten onderbroken door een serveerster, die aan me vraagt of ze nog iets mag inschenken. “Doe mij nog maar een wodka”. Ik weet, dat de wereldproblemen daarmee niet worden opgelost, maar af en toe een glas wodka maakt het leven wel aangenamer.