Selecteer een pagina

 

Met een plons verdwijnt mijn vrouw in het water van net niet nul graden. Ze gaat kopje onder en komt weer boven. Half uit het water slaat ze een kruis. Ze duikt opnieuw een kopje onder. Slaat een kruis. In totaal doet ze deze handeling drie keer. Het gat waarin dit plaatsvindt is uitgehakt in een bevroren buitenwater, in de vorm van een kruis. In de lange poot van het kruis is een houten trap aangebracht. Hierop loopt men naar beneden en dompelt zich onder in het ijskoude water. Als alles goed gaat loopt men hierover weer het water uit. Het leek een gewone dag vanmorgen. 19 januari. Mijn vrouw was nerveus. Vandaag is het Kreshenie (doopdag) in Rusland. Hiermee herdenken ze de doop van Jezus door Johannes de Doper. In dit immens grote land gaan vandaag mensen het natuurwater in, om de doop te ondergaan. In heel Orthodox Rusland is alle water op deze dag heilig. Dus gebeurt dit ritueel bijvoorbeeld ook in Siberië, waar het een graadje of 45 vriest.

Een week eerder ben ik teruggevlogen naar Nederland. Misschien voelde ik het  aankomen. Zou ik vandaag aanwezig zijn, dan had mijn vrouw me ook het water in gepraat. Al is de temperatuur vandaag in Sint-Petersburg  zo’n drie graden onder nul. Ik moet er niet aan denken. De koude rillingen lopen over mijn rug. De informatie over deze dag krijg ik van mij vrouw via de telefoon. Ze is zich aan het voorbereiden. Bikini onder de kleren. Inpakken van de handdoeken. Na een goed ontbijt gaat ze op weg naar het kerkje aan het water. Bij de ingang staat een ambulance. Die zal daar de hele dag staan. Niet voor de kerkbezoekers, maar voor degene die met een zwak hart het water ingaat.

In de overvolle kerk barst het van de energie. Er wordt gebeden. Er wordt gezongen. De Russen maken er een waar feest van. Een belevenis. De priesters zegenen de aanwezigen met de wijwaterkwast. Ook het bevroren meer buiten, met het gat, krijgt er van langs. Degenen die het water ingaan zetten zich in rij op weg naar het gat. Er staan twee kleedcabines. Een voor de mannen. Een voor de vrouwen. Dat is van de laatste tijd. Vroeger kleedde je je om in de buitenlucht. In badkleding komen ze naar buiten. Als ze aan de beurt zijn halen ze diep adem. Roepen de heilige drie-eenheid aan. Lopen de trap af. Duiken helemaal onder en komen omhoog. Als het ritueel volbracht is lopen ze snel de kleedhokjes in. Na het bad zijn ze het hele jaar door beschermd tegen allerlei ziektes.  De eventuele ziekte die je al hebt zal verbeteren.

Er is ook iemand in een rolstoel. Hij is bijzonder gemotiveerd. Eenmaal omgekleed rijdt hij in zwemkleding naar de trap. Door anderen wordt hij uit de rolstoel getild en in het water gedompeld. Dat lukt goed. Het lukt zelfs om hem er uit te tillen en hem in de rolstoel terug te zetten. Hij is dol enthousiast. In zijn zwembroek rijdt hij naar de badhokjes. Dit wordt een heel goed jaar, met kans op verbetering van zijn handicap.

De ambulance broeders kijken soms hoofdschuddend toe. Tot nu toe gaat het goed bij elke duik. Eigenlijk kan er niets fout gaan. Het water is tenslotte heilig. Waarom zijn ze er dan toch staan om de hele dag in de kou te kleumen? De overheid is realistisch, met een gezonde portie wantrouwen in de religie. Ze zijn eigenlijk overbodig, maar voor het geval dat, staan ze er.